Niets is zo leuk als een zelfgemaakte muts of sjaal in de winter.  Je bent niet alleen in het bezit van een uniek exemplaar, maar ook van je eigen trotse creatie.

Ik heb voor mij ondertussen al meer dan voldoende mutsjes gehaakt.  Ik vond dat het dus hoog tijd werd om ook eens een lekker warme muts te maken voor mijn man.

materiaal

Ik heb gekozen voor 100% merinowol.  Dit is niet alleen superzacht, maar ook lekker warm. Ideaal dus voor in de winter.   De wol is van Lana Grossa en is ietsje dikker.  Op die manier kan je een dikkere haaknaald nemen en gaat het lekker snel vooruit.  Op een namiddagje heb je dus al snel een leuke muts en sjaal.   Misschien wel een leuk ideetje voor een kerst-cadeau ?

3 bollen Lana Grossa Bingo Bruin
3 bollen Lana Grossa Bingo Blauw
haaknaald 5,5mm
wolnaald

patroon

de muts

Voor de muts heb je 1 bol blauw en 1 bol bruin nodig.    Als je het patroon wenst aan te passen naar een kleinere of grotere maat, dan kan je dat doen door in de 2 laatste toeren minder steken te meerderen, tot je het gewenste formaat hebt.  
Handige tip:  haak een platte cirkel en plooi deze in de helft.  Neem een meetlint en neem de afmeting van de halve cirkel.  Meet de omtrek van je hoofd en deel door 2.  Als deze 2 afmetingen gelijkaardig zijn, heb je voldoende gemeerderd.  De muts mag ietsje kleiner zijn, mits de wol nog wat stretcht.  Het is beter dat de muts een beetje spant, anders zou je ze wel eens kwijt kunnen raken.
Ik heb gehaakt met halve stokjes (hst).  De ribbelrand heb ik gehaakt met stokjes (stk).  Elke toer wissel je van kleur.  Ik heb hiervoor gebruik gemaakt van de onzichtbare kleurwissel.  Een beetje verder onderaan probeer ik je wat meer info te geven over hoe je dit best doet.
Hier volgt het patroon:
  1. haak 6 hst in een ring (6) – blauw
  2. haak 2 hst in elke st (12) – blauw
  3. haak 2 hst in elke st (24) – bruin
  4. haak 2 hst in elke 2e st (32) – blauw
  5. haak 2 hst in elke 3e st (40) – bruin
  6. haak 2 hst in eke 4e st (48) – blauw
  7. haak 2 hst in elke 5e st (56) – bruin
  8. haak 2 hst in elke 6e st (64) – blauw
  9. werk vanaf deze toer even tot en met toer 23.  Wissel elke toer van kleur.

onzichtbare kleurwissel:

Zoals bij een gewone kleurwissel, wissel je reeds bij de laatste steek van je vorige kleur.  Je doet dit door de laatste lus van je steek in de nieuwe kleur te haken.  Bij een half stokje gaat dit als volgt:
  1. neem een lus op de naald
  2. steek de naald door de volgende steek
  3. neem terug een lus op de naald
  4. haal de lus door de steek
  5. neem terug een lus op de naald, maar deze keer van de nieuwe kleur waarop je wenst over te schakelen, en trek deze door de 2 lussen op je naald
Tot hier blijft alles hetzelfde.  Via de europese methode, ga je vervolgens je toer sluiten met een halve vaste (hv).  Maar als je blind van kleur wil veranderen, gaan we een klein beetje anders te werk:
  1. haal de lus van de naald
  2. steek de naald in de eerste steek van je toer
  3. haal de lus terug op de naald en trek deze door de steek
  4. haak nog 1 keerlus
  5. vervolgens haak je in dezelfde steek een half stokje, de eerste steek van je volgende toer is nu gehaakt
Bij deze methode zal je wel een naad in je muts krijgen.  
Dit valt amper op, maar moest dit je toch storen, dan kan je in stap 5 ook het volgende doen:
-> haak nog 1 lus, dit geldt als eerste steek, haak nu in de 2e steek een half stokje.  Haak vervolgens je volledige toer af met halve stokjes
De rand van de muts is gehaakt in stokjes.  Om te starten met de rand haak je dus in stap 5 van de onzichtbare wissel 2 lussen en vervolgens een stokje in dezelfde steek.
Om het reliëf te krijgen haak je telkens rond het volgende stokje in plaats van in de volgende steek.  Je wisselt telkens tussen voorzijde en achterzijde van de volgende steek. Dus:
  1. neem een lus op de naald
  2. steek de naald niet in het gaatje van de volgende steek, maar ga met je haaknaald rond het stokje van de volgende steek.  Je naald komt dus terug uit aan de voorzijde van je volgende steek. (Een beetje alsof je de naald in het werk wil weven…)  Neem terug een lus op de naald en haak vervolgens het stokje, zoals je dat altijd zou doen.
  3. De volgende steek doen we hetzelfde, maar steek je je haaknaald in langs de achterzijde van het werk.  De naald moet dus ook terug in de achterzijde uitkomen.
  4. Dit blijf je herhalen tot je toer afgewerkt is.   Je sluit met een halve vaste en start een nieuwe toer.
  5. Bij de nieuwe toer, moet je er op letten dat je de steken langs dezelfde zijde haakt als de vorige toer.  Steken van de vorige ronde die langs de voorzijde werden gehaakt, haak je dus terug langs de voorzijde, steken die langs de achterzijde werden gehaakt, haak je ook weer langs de achterzijde.
  6. Je haakt 4 toeren op deze manier voor de ribbel-rand.
Voilà!  Alleen nog de loshangende draadjes wegwerken en klaar is je muts!

sjaal

Alle resterende wol heb ik gebruikt voor de sjaal.  Ook weer heb ik elke toer gewisseld van kleur.
  1. haak een ketting van 20 lossen – bruin
  2. haak 2 keerlussen, haak in de 3e lus vanaf de naald een half stokje, haak in elke volgende lus een half stokje,  in het laatste stokje wissel je naar blauw.   Om de kleurwissel straks vlotter te laten verlopen, neem je in de volgende toer de kleur bruin mee.  Je legt hiervoor de draad boven op de vorige toer.  Hierdoor zit de draad van de andere kleur mee in het haakwerk verwerkt.  Dit spaart heel wat draadjes en instop-werk uit op het einde!
  3. haak terug halve stokjes – blauw
  4. blijf bovenstaande herhalen tot je bolletjes wol op zijn.  Na de laatste toer doe je nog 1 toer halve vasten, zonder van kleur te wisselen
Klaar!   En nu nog wachten op lekker fris winterweer!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *